Humor in Rivierenland

Da's de muujte nie wert kjèl, 'k zij has thuis

LIENDEN - Johan Wilhelm van de Berg kwam uit een bekende aannemersfamilie. Als metselaar werkte hij aan de bouw van de koloniale kazerne in Nijmegen. Ook woonde hij daar tijdelijk. Hij werkte voor een tarief van  21 cent per uur. Als linkshandige metselaar verdiende hij toch mooi 3 cent per uur meer dan zijn rechtshandige collega's.

Door Piet Verwoert

In 1920 kwam de Liendenaar terug uit de Keizer Karelstad. Pas op latere leeftijd leerde hij fietsen. Dat ging eigenlijk best goed. Hij peddelde heel wat af. Maar met het afstappen had hij veel moeite.

's Avonds reed hij, zonder licht, door 't dorp. Toen Kosse, de veldwachter, hem in 't donker toeriep: "Halt, stoppe, pliessie", riep hij terug: " Da's de muujte nie wert kjèl, 'k zij has thuis!"

Volgens familielid Johan van de Berg was 't toen geen gemakkelijke tijd. "Ge zag nogal 's dikke rookwolke bove de Betuwe hange." Zeker na fikse onweersbuien. Men stak ouwe boerderijen in de fik om van de uitkering van de verzekering nieuw te kunnen bouwen." Johan: "M'n vaoder vertelde dat er bij un zwaore onweersbui de zoon van een boer riep: "Pa, 't hé al 3x gedonderd, za'k 't nou mar aonsteke. Dieje jong ha nie deur dà de veldwachter onder de hooibarg stond te schuile. Fout natuurlijk wah."

De oude Johan Wilhelm kon niet alleen gruwelijk goed metselen maar hij was ook rap van tong. Tijdens werkzaamheden op de steenfabriek zei hij tegen directeur Van Dongen:  "Koud weer wah meneer." "Koud?, dan moet je maar werken." Een paar dagen later riep Van Dongen, rillend in z'n dikke jas: "Koude noordenwind."

"Dan mot je mar warke met je donder!". aldus de metselaar.