Logo gemeentenieuwsonline.nl
Foto: ANP

Maatregelen lijken effectief: vaccinatiegraad kinderziekten stijgt

RHENEN - Het aantal kinderen dat tegen kinderziekten zoals de mazelen, meningokokken en de bof is ingeënt zit na jaren in een licht stijgende lijn. Maar nog steeds worden te weinig kinderen gevaccineerd om een uitbraak van zulke ziekten helemaal te voorkomen. “We moeten het gesprek over vaccineren actief blijven aangaan.”

De landelijke vaccinatiegraad is voor de meeste vaccinaties voor het tweede jaar op rij licht gestegen. Zo blijkt uit cijfers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat 93,1 procent van de kinderen op tweejarige leeftijd in 2021 de DKTP-vaccinaties heeft gehad. Het gaat hierbij dan om kinderen dat het jaar ervoor geprikt is tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio. In 2020 lag dit percentage op 92,6 procent. Ook hebben opvallend veel meer meisjes zich laten vaccineren tegen het HPV-virus (baarmoederhalskanker). 

In de gemeente Rhenen is het aantal kinderen dat op tweejarige leeftijd de DKTP-vaccinatie kreeg ook toegenomen. In 2021 lag dit percentage op 75,4 en in 2020 op 71,6 procent.

Vaccinatiealliantie

Jeugdarts Martijn Spoelstra denkt dat het coronavirus voor een extra impuls van de toename in de landelijke vaccinatiegraad kan hebben gezorgd. “Het coronavirus kan als een katalysator binnen de inentingen van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) hebben gewerkt. Zo kan men door corona bewuster zijn geworden van het belang van vaccineren tegen infectieziekten.”

Maar de belangrijkste reden is volgens Spoelstra dat gemeenten de ouders veel meer opzoeken. Sinds 2019 zijn gemeenten dit middels de Vaccinatiealliantie ook wettelijk verplicht om te doen. “Sinds twee jaar zijn gemeenten verplicht om de vaccinatiegraad omhoog te helpen, omdat er al enige tijd sprake was van een daling. Hierbij is ingezet op het actief aangaan van het gesprek met ouders over vaccineren, zowel individueel als in groepen door middel van voorlichtingen.”

Desinformatie

In Nederland is de vaccinatiegraad het laagst in de vier grote steden en in delen van de Biblebelt. In deze strook, die van Zeeland naar Overijssel loopt, wonen relatief veel gereformeerden. Uit geloofsovertuiging laten sommige ouders uit de Biblebelt hun kinderen niet inenten. “Anti-vaxxers zijn soms ook van mening dat het kind autisme kan krijgen van een inenting tegen mazelen, wat aantoonbaar onjuist is. Dit soort desinformatie moet dan ook bestreden worden. Via social media wordt hier ook al meer op ingezet”, zegt kinderarts Karoly Illy.

Uit rondvraag van de GGD-GHOR blijkt dat het merendeel van de jeugdartsen en verpleegkundigen merkt dat de gesprekken in hun spreekkamer veranderen. Veel ouders hebben vragen over wat ze (online) lezen over vaccineren en vertrouwen niet simpelweg op de professional. Dit merkt jeugdarts Spoelstra ook. “Ouders willen graag het beste voor hun kind. Ze vinden makkelijker informatie online, lezen zich meer in en zijn zo kritischer geworden. Uiteindelijk is de keuze aan de ouders zelf om hun kind wel of niet te laten vaccineren. Maar het is wel belangrijk dat de juiste informatie voorhanden is.”

De vaccinatiegraad voor ernstige infectieziektes in Nederland ligt boven de 90 procent. Maar dit percentage ligt nog steeds wel onder de geadviseerde norm van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die een vaccinatiegraad van 95 procent adviseert om de infectieziekten de baas te worden. “Actief het gesprek aangaan over vaccineren blijft daarom van belang”, aldus Spoelstra.

“Het is belangrijk dat de juiste informatie voorhanden is”

“Het coronavirus kan als katalysator hebben gewerkt”

Waarom vaccineren belangrijk is

Vroeger stierven in Nederland veel kinderen aan infectieziekten. Sinds 1957 wordt er door middel van het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) tegen infectieziekten gevaccineerd. Tegenwoordig wordt er volgens dit programma gevaccineerd tegen twaalf infectieziekten. Ziektes zoals de bof, polio, mazelen en rode hond zijn door het vaccineren sterk teruggelopen. De prikken uit het RVP worden gegeven in de leeftijd van 3 maanden tot 14 jaar.

Vaccineren is niet alleen belangrijk voor je eigen bescherming, maar ook omdat:

-Je een ander beschermt

Om te zorgen dat vaccineren werkt is een vaccinatiegraad tussen de 90 en 95 procent nodig. Dan is de verspreiding van een virus klein en is er groepsbescherming. Hierdoor lopen ook kwetsbaren, zoals baby’s die nog te jong zijn om gevaccineerd te worden, minder gevaar.

-Voorkomen beter dan genezen is

De meest voorkomende bijwerkingen van alle vaccinaties is gevoeligheid of een bultje op de plek van de vaccinatie. Soms komt ook koorts voor. Deze klachten verdwijnen meestal binnen een paar dagen en zijn geen teken van ziekte: het komt omdat het immuunsysteem tijdelijk erg actief is. De kans dat een vaccin ernstige bijwerkingen geeft, is heel klein.

Meer berichten